Leestijd: 2-3 minuten

Kleuren definiëren in de praktijk

De beste manier om kleuren te leren mengen is door regelmatig kleuren na te mengen van foto,s of voorwerpen uit je omgeving.

Hoe je te werk moet gaan om een bepaalde kleur goed te definiëren kun je hieronder lezen.

Om een bepaalde kleur goed te definiëren, moet je je afvragen wat de karakteristieke eigenschappen zijn van deze kleur.

Basiskleuren

Je moet beginnen met alle kleuren om je heen te leren zien als een variant van de basiskleuren rood, oranje,geel,groen,blauw en violet.

 In veel gevallen is dat niet zo moeilijk, zoals bijvoorbeeld blauwe lucht, oranje sinaasappels, groen gras, gele citroen, rode appels, etc.

Maar in andere gevallen kan dat vaak moeilijker zijn. Wat is bijvoorbeeld de kleur van hout, koper, goud, zilver, huid, steen, etc.

Vooral in het geval van huid zul je na goed observeren opmerken dat huidkleur lang niet altijd roze is. Je kunt daarbij voor het bepalen van de kleur dan het beste gebruik maken een afbeelding van het spectrum of een uitgebreide kleurencirkel.

Vergelijk de kleur die je zoekt met de kleuren in het spectrum, en herleid deze dan naar de basiskleur die daar bij hoort.

Toonwaarde

Na het vaststellen van de kleur, gaan we kijken naar de toonwaarde. Dat betekent hoe licht of hoe donker de kleur is ten opzichte van zijn omgeving.

Het beste kom je hier achter als je door je oogharen naar de kleur kijkt. Probeer je terwijl je door je oogharen kijkt, af te vragen of de kleur donker of licht is.

Als je de kleur zou vertalen naar grijswaarden, zou je dan kiezen voor bijna wit, lichtgrijs, middelgrijs, donkergrijs of zwart. Dit is een goede methode om de toonwaarde van een kleur vast te stellen.

Als je een kleurenfoto zou afdrukken in zwart-wit, dan blijven er alleen toonwaarden over. Hierdoor leer je dus heel goed begrijpen wat toonwaarden zijn.

Verzadiging

Hoe fel, stralend of juist dof is een kleur.

Verzadiging van een kleur is niet hetzelfde als de toonwaarde. Zo heeft bijvoorbeeld een citroen een hoge toonwaarde, en een felle kleur, dus een hoge verzadiging. Daartegenover heeft bijvoorbeeld droog zand ook een hoge toonwaarde, maar een doffe kleur, dus weinig verzadiging.

Kleurtinten

Je kunt hierbij als hulpmiddel weer de afbeelding van het spectrum of de kleurencirkel gebruiken

Hierbij bepaal je of de kleur een warme of een koele kleur is.

Samengevat

Om een kleur goed na te schilderen kun je jezelf de volgende vier vragen stellen:

1 Welke kleur heeft het onderwerp?

Antwoord: Rood, oranje, geel, groen, blauw, violet

2 Welke toonwaarde heeft de kleur?

Antwoord: Zeer licht, licht, middellicht, donker of zeer donker.

3 Hoe verzadigd of intens is de kleur

Antwoord: zeer fel, gemiddeld of dof

4 Welke tint heeft de kleur

Antwoord: Warm of koel

No comment yet, add your voice below!


Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *